Bij de gevorderden begint het echte werk. We gaan hier oefenen voor de brevetten:
BASISBREVET:
* Aangelijnd volgen: Men legt met de hond aangelijnd een achtvormig parcours van +/- 40 meter af. Men vertrekt vanuit het centrum. de hond moet z'n voorjager volgen.
* Los volgen: Dit is volledig hetzelfde als het vast volgen, maar de hond is compleet afgelijnd. Dit wil zeggen: geen vaste halsband, ketting of vlooienband meer aan. De hond die het traject duidelijk verlaat, mag 1 maal terug genomen worden, maar men kan dan nog maximum 12/20 behalen. De houding van de voorjager dient "natuurlijk" te zijn, dit in functe van de jacht. De oefening is pas gedaan als de hond weer aangelijnd is
* Down: De hond moet, volledig los, 2 minuten blijven liggen. De geleider staat op ongeveer 30 meter binnen het zicht van de hond. Soms kan het gebeuren dat de geleider uit zicht moet gaan staan. Als de hond mag worden opgehaald, dan lijnt men de hond aan terwijl hij nog ligt. Pas dan is de oefening gedaan. .
* Kort apport te land: De hond zit aangelijnd naast de voorjager. Het is verplicht de hond te slippen; dit wil echter niet zeggen dat de hond mag inspringen! Een stuk wild wordt met een blanco schot op 30 à 40 meter geworpen. De hond moet "rust op schot" vertonen en wachten tot hem het bevel tot apport wordt gegeven. Dit bevel wordt pas gegeven op teken van één van de keurmeesters. Het apport wordt ter hand afgegeven bij voorkeur in zithouding. De oefening is pas gedaan als de hond is aangelijnd.
* Apport uit diep water: De hond zit aangelijnd naast de voorjager. Het is verplicht de hond te slippen; dit wil echter niet zeggen dat de hond mag inspringen! Een stuk wild wordt met een blanco schot in het water geworpen. De hond moet "rust op schot" vertonen en wachten tot hem het bevel tot apport wordt gegeven. Dit bevel wordt pas gegeven op teken van één van de keurmeesters. Het apport wordt ter hand afgegeven bij voorkeur in zithouding zonder zich voor de afgifte uit te schudden! De oefening is pas gedaan als de hond is aangelijnd.
* Gehoorzaamheidsproef: De hond moet worden vrijgestuurd. Wanneer de hond zich op circa 30 meter van de voorjager bevindt, zal deze op teken van één van de keurmeesters de hond moeten terugfluiten of -roepen. De hond moet onmiddellijk naar de voorjager terugkomen, gaan zitten en zich laten aanlijnen.
AFRICHTINGSBREVET:
Alle oefeningen van het basisbrevet + ...
* Markeerapport te land: De hond zit zonder hals en leiband naast zijn voorjager. Op ongeveer 60 meter wordt een stuk wild geworpen in een lichte dekking met gelijktijdig een blanco schot. De hond mag niet inspringen. Op bevel moet de hond het stuk wild ophalen en in de hand van de voorjager afgeven bij voorkeur in zithouding. De oefening is pas gedaan nadat de hond is aangelijnd. De oefening wordt uitgevoerd op een goed uitgekozen terrein bij voorkeur met zijwind of slecht wind. De persoon die het wild opgooit, dient verborgen te zijn.
* Verloren apport te land: Een stuk wild wordt neergelegd op ca 30 à 40 meter in een dekking en bij goede wind buiten het zicht van de hond en zijn voorjager. Op bevel moet de hond het stuk wild ophalen en in de hand van de voorjager afgeven bij voorkeur in zithouding. De oefening is pas gedaan nadat de hond is aangelijnd.
* Verloren apport over diep water: Een stuk wild wordt neergelegd op ca 30 à 40 meter van de oever aan de overkant buiten het zicht van de hond en zijn voorjager. Op bevel moet de hond het stuk wild ophalen en in de hand van de voorjager afgeven bij voorkeur in zithouding zonder zich voor de afgifte uit te schudden De oefening is pas gedaan nadat de hond is aangelijnd.
SINT-HUBERTUSBREVET:
Het Sint-Hubertusbrevet is een erebrevet in België waaraan men slechts mag deelnemen als aan een aantal voorwaarden voldaan wordt. Het wordt éénmaal per jaar georganiseerd door het KMSH. De proeven worden niet op voorhand vrijgegeven en benaderen meer de echte jacht in een aantal oefeningen zoals dubbel of drievoudig apport, markeerapport over water, ... Per rassoort wordt er ook een speciaal onderdeel toegevoegd zoals het 'voorstaan' voor staande honden, 'flushen' voor Spaniëls en een 'sleepspoor' of 'dirigeerproef' voor Retrievers. Voor elk type hond wordt ook het nazoeken van een runner voorzien als proef.